NS 100 (Oersik)

De met een benzinemotor aangedreven 'locomotors' (of 'locomotoren', beide zijn juist) van de serie 100 kwamen in 1930 in dienst bij NS als rangeerhulp. Al vanaf 1934 werd de grotere serie 200 gebouwd. Door het geluid van de uitlaat kreeg die serie locomotors de bijnaam Sik, waarna de serie 100 vrij snel Oersik werd genoemd. In 1948 werd de serie 100 buiten dienst gesteld. De foto's op deze pagina zijn gerangschikt op locnummer.


Oersik 103 op 8 oktober 2011 op het buitenterrein van het Spoorwegmuseum. Deze locomotor is na haar buitendienststelling in 1948 bij een buizenfabriek in Maastricht terechtgekomen en heeft daar dienst gedaan tot begin jaren '70. De 103 is toen aan de Stoomtrein Goes - Borsele (SGB) geschonken, die haar op hun beurt in 1989 weer aan het Spoorwegmuseum hebben overgedragen. Daar ze is omgebouwd van benzine-mechanisch naar diesel-hydraulisch, maar desondanks staat ze door een defecte motor al sinds 1996 stil.

 

Oersik 116 van de VSM in Beekbergen op 9 november 2010. In 2015 is deze locomotor opgeknapt en is sindsdien ook weer rijvaardig.

 

De 122 van de SGB in Goes, links op 8 augustus 2011 en rechts op 27 mei 2022. Dit exemplaar is in 1950 samen met een aantal soortgenoten verkocht aan de firma Spoorijzer, die de locomotors uit elkaar heeft gehaald en onderdeel voor onderdeel gereviseerd heeft. Tevens werd er een dieselmotor ingebouwd. De 122 is daarna naar Shell in Pernis gegaan, voordat ze verhuisde naar een Belgische suikerfabriek. Toen Stichting De Locomotor (SDL) erachter kwam dat het onbekende locje de 122 was, hebben ze haar overgenomen. De Oersik is rond 2004 bij de SGB in revisie gegaan, waarbij ze veel onderdelen van een casco van een soortgenoot heeft gekregen. In 2011 moest er nog het nodige gebeuren (let bijvoorbeeld op het dak), maar in 2022 zag de locomotor er weer als van ouds uit.

 

Oersik 125, die hier bij de Museum Buurtspoorweg (MBS) in Boekelo het nummer 15 draagt, op 26 december 2011. Net als de 122 is de 125 ook verbouwd door Spoorijzer, waarna ze aan de slag is gegaan bij de IJsselcentrale in Zwolle. Hier heeft ze ook de gele kleurstelling aan te danken. In 1984 is de 125 aan de MBS overgedragen, in 2017 verscheen ze na een revisie weer in de oorspronkelijke kleurstelling en sinds 2019 staat de locomotor als monument voor station Haaksbergen.

 

Oersik 137 van het Spoorwegmuseum, links opgeborgen in een loods in Blerick op 22 oktober 2011 en rechts in het Spoorwegmuseum op 27 november 2021. Na haar jaren bij de NS is ze bij de hoogovens in Beverwijk ingezet, waarna ze weer bij een motorenfabrikant terecht is gekomen. Uiteindelijk is ze in 1985 aan het Spoorwegmuseum geschonken. Vanwege verbouwingen aan de aandrijving is de motor snel versleten, waardoor de locomotor in 2005 aan de kant is gezet. In 2015 is ze opgeknapt maar nog niet rijvaardig gemaakt, en sindsdien weer te zien in Utrecht.

 

Oersik 145, bij de MBS bekend onder locnummer 14, op 26 december 2011 in Boekelo. Dit is niet de originele 145, die is namelijk in de Tweede Wereldoorlog vermist geraakt. Dit is ook één van de locomotoren die Spoorijzer opnieuw heeft opgebouwd vanuit losse gereviseerde onderdelen, waarna deze "Frankenstein-loc" het nummer 145 kreeg.

 

Maak jouw eigen website met JouwWeb